Mijn printer print, maar er komt geen inkt op de pagina

 

De spuitkanaaltjes van de printkop zijn mogelijk verstopt. 

Reinig de printkoppen met het hulpprogramma uit de Epson-printerdriver en druk vervolgens een spuitkanaaltjespatroon af.
De printkopreiniging en spuitkanaaltjescontrole moeten samen worden uitgevoerd als cyclus.

Nadat u de spuitkanaaltjescontrole hebt afgedrukt, kijkt u of u een verbetering ziet in het afgedrukte patroon.
Elke schuine horizontale lijn en rechte verticale lijn moet compleet zijn, dus zonder enige onderbreking. Als er wel delen ontbreken in het patroon, voert u nog een cyclus uit.
Voer zo nodig maximaal vier cycli uit.

Als het spuitkanaaltjespatroon niet volledig wordt afgedrukt en als het patroon ook na reiniging van de printkoppen niet goed wordt afgedrukt, vervang dan de cartridge.
Wellicht is de inkt in de inktank uitgedroogd.
U kunt de printer ook uitzetten en een nachtje laten rusten. Zo kan eventueel ingedroogde inkt zacht worden. Reinig de printkop vervolgens opnieuw.

Reinigen printkoppen

Doorgaans lost u problemen met de kwaliteit van afdrukken op door de printkoppen goed te reinigen. Neem de volgende instructies door voordat u verdergaat:

U kunt de koppen van de EPSON Stylus-printer op twee manieren reinigen: via het hulpprogramma voor het reinigen van de printkoppen in de driver of door de inktknop vijf seconden ingedrukt te houden.
Hieronder worden de verschillend
e omstandigheden beschreven waaronder u deze methoden moet gebruiken.

Voor Epson Inkjet-printers kunt u drie reinigingsniveaus instellen:
• Level 1 Cleaning - Minor Cleaning (Reinigingsniveau 1 - Licht reinigen)
• Level 2 Cleaning - Moderate Cleaning (Reinigingsniveau 2 - Normaal reinigen)
• Level 3 Cleaning - Heavy Cleaning (Reinigingsniveau 3 - Grondig reinigen)

Wanneer u een reinigingscyclus wilt uitvoeren via het bedieningspaneel van de printer, is alleen een reiniging van het eerste niveau mogelijk.
Ook als u de reinigingscyclus meerdere keren via het bedieningspaneel uitvoert, wordt alleen een reiniging van het eerste niveau uitgevoerd.
Als u denkt dat de printkoppen grondig moeten worden gereinigd, moet u de onderstaande instructies uitvoeren.

De printerdrivers zijn zo ontworpen dat u de drie verschillende reinigingscycli eenvoudig kunt uitvoeren.
Wanneer u de cycli uitvoert vanuit de printerdriver, worden de reinigingen altijd op de volgende wijze uitgevoerd:

• Voer de eerste reinigingscyclus (niveau 1) uit vanuit de driver. U wordt gevraagd een spuitkanaaltjespatroon af te drukken.
• Als het spuitkanaaltjespatroon is voltooid, klikt u op Voltooien of Reinigen. Als het spuitkanaaltjespatroon niet naar behoren is afgedrukt,
   kunt u het beste op Reinigen drukken. 

• Als u op Reinigen klikt, wordt een reinigingscyclus van het tweede niveau uitgevoerd.
   U wordt opnieuw gevraagd een spuitkanaaltjespatroon af te drukken.
• Als het tweede spuitkanaaltjespatroon is voltooid, klikt u op Voltooien of Reinigen.
   Als het spuitkanaaltjespatroon nog niet naar behoren is afgedrukt, kunt u weer het beste op Reinigen drukken. 

• Als u op Reinigen klikt, wordt een reinigingscyclus van het derde niveau uitgevoerd. U kunt dan voor de derde keer een spuitkanaaltjespatroon afdrukken.
   De volgende keer dat u een reinigingscyclus uitvoert, wordt weer begonnen met niveau 1.